vijgen, vijgen, vijgen … snijden en invriezen om er later vijgenmoes en fruitleer van te maken
Brandhout werd geleverd en nadien ook gezaagd en gekliefd. Sterke kerels hoor!
Het beste plekje achter de keukenkachel … met een beetje goede wil kunnen er zelfs drie een plekje vinden ….
… en desnoods alle vier!!!
Een weekje in België …. Kleinzoon Fenno vindt het erg leuk in de camper!
Oef, we zijn gelukkig weer thuisgeraakt na een stressvolle week vol problemen met de camper: geen 5de versnelling meer, lampje ‘motorsysteemstoornis’ gaat branden, woonbatterijen laden niet meer op, deur klemt …. Wat een week!
Donderdagavond werden 8 patrijzen en 2 fazantenhennen geleverd …. Wat is die deur interessant!
Want als ‘t vrouwke daar weer verschijnt ….. Spannend!
Hmmmm wat ruikt dat lekker …. jammer dat we er niet mogen aankomen … eens proeven zou wel leuk zijn!
On huis is een oude Hongaarse boerderij, een Tanya dus. Alle kamers liggen in het verlengde van
elkaar en aan de buitenkant is er een overdekte gaanderij. Daar is het ook heerlijk zitten om te
ontbijten en om ’s avonds te genieten van de warmte die de muur nog afgeeft.
Voor die gaanderij stonden twee heel oude perenbomen. Die bomen zijn intussen dood, maar we zaagden
de takken kort af en zo werd de ene boom een soort kapstok. Heel handig om de sproeikoppen van de gieters
op vast te steken, om een borstel aan te
hangen en in de winter de mezenbollen en een voederhuisje. De andere boom staat net voor ons zitje, om
zo’n meter afstand. Ook die takken werden kort gezaagd en daarom werd een plank
bevestigd die als voedertafel dienstdoet.
In de wintermaanden is het heel leuk van binnen in huis de
grote diversiteit van vogeltjes te observeren als ze zich komen tegoed doen aan
de zonnebloemzaden, de gekookte rijst en de verse of bevroren meelwormen. Vanaf de lente komen enkel nog de mussen
voedsel zoeken. We merkten dat ze meer
en sterkere jongen kregen wanneer we een beetje rijst en meelwormen bleven
voederen. Het is ook heel leuk om te
zien hoe ze eerst voedsel verzamelen om naar hun nest te brengen en later de pas
uitgevlogen jongen tonen waar zee makkelijk voedsel kunnen vinden. We voederen op twee vaste momenten: ’s
morgens wanneer we ontbijten, strooien we een beetje gekookte rijst. En ’s avonds voor het gaat schemeren,
schotelen we hen meelwormen voor.
Door te blijven voederen, overleven natuurlijk ook jongen
die anders geen of weinig overlevingskansen zouden hebben. Maar dat komt in de winter dan weer o.a. de
sperwer ten goede die er makkelijke prooien aan heeft.
Doorgaans zien we dus ‘mussen. Mannetjes en vrouwtjes … maar allemaal ‘mussen. Maar soms zijn er enkelen die een specifiek
kenmerk hebben, waardoor ze makkelijk herkenbaar zijn. En tja … dan geef je die wel eens een
naam. Zo komt er geregeld een mannetje
dat geen typisch mussen-geluid produceert, maar eerder een geknor … Hij werd
dus ‘Knorretje’.
Een ander jong mannetje geraakte niet door de ruiperiode
waarbij dons werd vervangen door veren.
Overal heeft hij veren, hij vliegt als de beste … maar zijn rug zit nog
in het dons. ‘Donske’ werd zijn
naam. Ondank dat hij prima zelfstandig
eet, blijft hij toch steeds weer bedelen om gevoerd te worden.
Een vrouwtje met een gebroken of ontwricht pootje was heel
zielig. We dachten echt dat zij het niet
zou overleven … ze kon moeilijk haar evenwicht bewaren, kon niet op een tak
zitten … Maar ze redde het en kreeg daarom de naam ‘Pootje’. Intussen Lukt het haar prima om rechtop te
blijven, al is het een beetje schommelend.
Het slechte pootje is niet helemaal ok, maar toch veel beter dan
eerst. Ze heeft zelfs haar eigen nestje
nu en komt dus ook voedsel halen voor haar jongen. Ze houdt niet van de grote drukte als er pas
voer ligt en is dus altijd aan de late kant.
Maar ik hou een klein beetje aan de kant en strooi dat pas als zij er
is.
En dan is er nog ‘Staartje’ met als bijnaam ‘kwartelmus’. Ook een vrouwtje dat in een paar dagen tijd
al haar staartveren kwijtraakte en er dus een beetje als een kwartel uitziet.
Ook al werkt zo’n staart als roer bij het vliegen, ze redt zich prima zonder! Meer nog, Staartje is zo tam als wat. Wanneer de andere mussen wegvliegen omdat wij
opstaan van tafel … blijft zij gewoon lekker verder eten. Meer nog, ze heeft er geen probleem mee dat
ik een beetje voer tussen mijn voeten aanbiedt.
Zelfs niet wanneer één van de Spaanse Galgo’s daar vlakbij komt staan en
naar haar kijkt. Nog even en ze eet uit
de hand ….